< overzicht

In dit nummer staan onder meer de volgende artikelen:

Het innovatiebudget voor de culturele sector groeit niet door van drie naar vijf miljoen euro per jaar, zo staat in de begroting 2010 van het Kabinet; Hoofdstuk VIII Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. De museale sector verliest het geld dat bestemd was voor gratis toegang voor kinderen tot en met 12 jaar, er komt minder geld voor de digitalisering van archieven en ook de korting op extra geld voor de publieke omroep is niet in het belang van de brede culturele sector. Aldus de voorlopige 'oogst' van Prinsjesdag 2009 voor de cultuursector.

'Creativiteit, innovatie en ondernemerschap zijn bepalend voor de toekomst van ons land', zo schrijven minister Plasterk, minister Van der Hoeven en staatssecretaris Heemskerk medio september aan de Tweede Kamer in hun 'Beleidsprogramma voor de Creatieve Industrie 2009-2013'. Inmiddels werkt in Nederland ruim een kwart miljoen mensen in de creatieve industrie en bevindt Nederland zich internationaal in de creatieve voorhoede. Bij kwalitatief goede plannen wil het kabinet een bijdrage leveren via een innovatieprogramma voor de creatieve industrie en het Fonds Economische Structuurversterking (FES), aldus de bewindslieden in hun brief Cultuur en Economie 2009, getiteld 'Waarde van creatie'.

De kunstexport is het afgelopen decennium explosief gegroeid. In 2008 gingen minstens 5200 Nederlandse culturele activiteiten de grens over naar 116 landen, zo vermeldt de database Buitengaats van de Stichting Internationale Culturele Activiteiten (SICA). In de kunstwereld zet globalisering steeds sterker de toon, maar het internationaal cultuurbeleid van de overheid 'hobbelt' hier nog moeizaam achteraan, zo stellen verschillende auteurs in deze recent verschenen uitgave van Boekman: 'Kunst over de grens'.

Een door de HBO-raad ingestelde commissie met sleutelfiguren uit de kunstensector zal onder leiding van KNAW (Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen)-president Robbert Dijkgraaf komen met aanbevelingen die het kunstonderwijs en daarmee de kunstensector kunnen versterken; in een verder streven naar excellentie in kunstvakonderwijs.

De Rotterdam designprijs is een tweejaarlijkse, nationale prijs die de gemeenschappelijke kwaliteiten van het Nederlandse ontwerp signaleert en het designdebat wil versterken. In tegenstelling tot andere prijzen, waarbij de inzendingen per vakgebied worden beoordeeld, differentieert de Rotterdam designprijs niet naar ontwerpdiscipline. De selectiejury meent klaarblijkelijk dat de ontwerpen algemene kwaliteiten moeten vertonen die zich op een hoger abstractieniveau laten formuleren.
Het aandachtspunt is sinds de vorige editie verschoven van het autonome product naar de visie van de ontwerper. Het onlangs verschenen Nominatierapport bevat interessante analyses.

De column met als titel 'Ganz museal' is geschreven door Ewoud van Rijn (1967). Na een opleiding aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag, woont en werkt hij in Rotterdam. Onlangs opende bij Ushi Kolb Galerie Haus Schneider in Karlsruhe het eerste deel van een dubbele tentoonstelling. Vanaf 19 november vindt de tweede presentatie plaats in de Seventeen Gallery in Londen.

De illustraties in dit nummer betreffen het Jubileumboek Nederlandse Kring van Tekenaars: 'Een teken van inspiratie' en de desbetreffende –inmiddels afgelopen- tentoonstelling in Pulchri Studio te Den Haag. De foto's zijn ter beschikking gesteld door de samenstellers van het boek, de uitgever en de beeldende kunstenaars.

Er zijn weer talloze berichten in de rubriek activiteiten binnenland, oproepen met betrekking tot uiteenlopende opdrachten, vacatures en andere beroepsmogelijkheden voor beeldende kunstenaars.