Power and Sorrow in Berlijn

IMG_9828Patricia Kaersenhout, geboren in Nederland uit Surinaamse ouders, ontwikkelde een artistieke reis waarin ze haar Surinaamse achtergrond onderzoekt in relatie tot haar opvoeding in een West-Europese cultuur. De rode draad in haar werk roept vragen op over de bewegingen van de Afrikaanse Diaspora en haar relatie tot feminisme, seksualiteit, racisme en de geschiedenis van de slavernij. Ze beschouwt haar kunstpraktijk als een sociale praktijk. Haar werk richt zich vaak op het kolonialisme in relatie tot haar eigen ervaringen binnen een West-Europese cultuur. In december 2018 verbleef zij een periode in Berlijn.

Het luk mij iedere keer weer om Nederland te ontvluchten op 5 december. Alsof het universum aanvoelt dat het beter is om dan niet in Nederland te zijn, word ik elk jaar rond die tijd wel uitgenodigd voor een project in het buitenland. Zo ook in 2018. Studenten van de Universiteit van Potsdam organiseren jaarlijks een conferentie met de titel Minor Cosmopolitanisms. Een van de studenten had ooit een presentatie van mijn werk gezien tijdens het Maerz Festival met de titel Staging the end of the contemporary en probeerde mij al twee jaar te strikken voor hun conferentie. De conferentie vond plaats in het legendarische Haus der Kulturen der Welt en ik besloot om voor de allerlaatste keer mijn performance Stitches of Power. Stitches of Sorrow daar op te voeren. Deels omdat ik het na vier jaar tijd vond om het af te sluiten en deels omdat het werk uitstekend paste in het thema:

Around the turn of the millennium, academics and politicians predicted that the world would grow together as one and that people would become less bound by national affiliations. Almost twenty years later, there is little left of this vision. This is not such a surprise when we consider that the cosmopolitan ideal (as articulated during the European Enlightenment) wholeheartedly embraced the promises of a globalising economy, yet has remained oblivious to, and even complicit with, capitalist exploitation, slavery, and colonialism. Yet should we abandon the cosmopolitan idea because of this corrupt history? Or should it rather be reviewed and rethought in the face of rising nationalism? What are alternative traditions and practices of the cosmopolitan from across the globe?

IMG_3328IMG_3320De performance ontwikkelde ik in 2014 in opdracht van Art Labour Archives, opgericht in Berlijn door Alanna Lockward. Elke twee à drie jaar was zij de drijvende kracht achter BE.BOP the Black Europe Body Politics conference in Berlijn waar kunstenaars als Quinsy Gario en Jeannette Ehlers en grote denkers als Walter Mignolo, Rolando Vasquez en Gloria Wekker bij elkaar komen en de wereld beschouwen vanuit een decolonial perspectief. Elke keer is er een ander thema. In 2018 was dat Coalitions Facing White Innocence. Kunstenaars worden gevraagd om performances te ontwikkelen en deze op te voeren in een theatrale setting zoals het Gorki theater en Die Volksbuhne. BE.BOP was mijn intellectuele brandstof. En het was heerlijk om iedere keer weer in een warm bad van kritische denkers te stappen en daarmee meerdere paradigma’s op de wereld voorgeschoteld te krijgen.

Veel van mijn werk vloeit voort uit zwarte radicale verbeelding. Stitches of Power. Stitches of Sorrow combineert mijn interesse in onzichtbaarheid met bewegend beeld, geluid, driedimensionale objecten en publieksparticipatie. Door middel van de onthulling van het inherente geweld van de schijnbaar onschuldige handeling van borduren, onderzoek ik het belang van epistemische ongehoorzaamheid. Zwart Bewustzijn bestaat deels uit een belichaamde kennis die in ongeveer dertig minuten worden gedeeld met roterende leden van het publiek. Zij wisselen van zitplaats en het gedeelte van een gedeeld stuk doek waarop hun steken permanent worden geborduurd, als een collectief aandenken. De stilte is ritualistisch, terwijl de stem van Angela Davis in een loop de witte verslaggever uitdaagt die haar steeds weer vraagt naar haar mening over geweld.

Zonder dat het publiek zich ervan bewust is, borduren zij het lichaam van een zwarte vrouwelijke strijder. Het penetreren van het lichaam met een naald staat symbool het voor twee betekenissen. Enerzijds staat dit voor het geweld dat het zwarte vrouwenlichaam is aangedaan ten tijde van de slavernij, het kolonialisme en het geweld dat daaruit voortvloeit naar zwarte en bruine lichamen in onze huidige samenleving. Anderzijds staat het penetreren en het doorhalen van de draad symbool voor het helen van wonden uit dat koloniale verleden. Door samen wonden te hechten creëren we een communal body die geheeld kan worden. Op de grond zien we het beeld van een tot slaaf gemaakte zwarte vrouw die uit een put klimt. Deze scene is gelooped uit de film Cobra Verde, een controversiële film van Werner Herzog over de transatlantische slavenhandel en de krijgers van Dahomey [1].

In 1980 schreef Bruce Chatwin het gedeeltelijk fictieve en deels historische boek The Viceroy of Ouidah dat het verhaal vertelt van een 19e-eeuwse Braziliaanse slavenhandelaar die een fortuin verdient in West-Afrika, vertrouwend op zijn meedogenloosheid en instincten. Omdat Chatwin zowel romanschrijver als historicus was, springt zijn werk heen en weer tussen heden en verleden, en
onderzoekt hij de relatie tussen het moment van de interventie van de slavenhandelaar en latere historische ontwikkelingen in de West-Afrikaanse natie, Benin. Hoewel het is gebaseerd op The Viceroy of Ouidah is de film Cobra Verde (1987) van Werner Herzog selectief in zijn keuze. Cobra Verde is een ongewoon mooie film, maar is niet accuraat genoeg over de consequenties van de slavenhandel zoals Bruce Chatwin deze omschrijft in zijn boek. Herzog kiest ervoor Klaus Kinski, die de slavenhandelaar speelt, het middelpunt van zijn film te laten zijn waardoor hij veel van de belangrijke historische vragen van Chatwin opzij schuift.

Solnage piepkleinIn plaats van een film te maken over hoe de racistische ideologie de slavenhandel beïnvloedde, wat consistent zou zijn geweest met de doelstellingen van het boek, benadrukt Herzog dat racisme zowel gemotiveerd en gebruikt werd als een rechtvaardiging voor Afrikaanse keizerlijke expansie in de negentiende eeuw. In plaats van het benadrukken van belangrijke verbanden tussen racisme en Europees imperialisme, heeft hij kritiek op de bourgeoisie in het algemeen. Vanwege deze uitgangspunten reproduceert zijn film uiteindelijk een aantal stereotyperingen die traditioneel verbonden zijn met West-Europese afbeeldingen van Afrika. Zoals bijvoorbeeld het vrouwenleger van Dahomey welke echt heeft bestaan. De laatste krijger is in 1979 gestorven. Hun uniformen bestonden uit leren tunieken, maar in de film van Herzog zien wij ze in rieten rokjes en blote borsten. De vrouw die uit de put klimt zal verkracht worden opdat zij een meedogenloze strijdster zal worden in het leger van Dahomey volgens Kinski, terwijl deze vrouwen volledig in celibaat leefden en volledig trouw waren aan de koning van Dahomey. Zelf zit ik op het podium en borduur een Dane gun die ontwikkeld en geproduceerd werd in Denemarken en als ruilmiddel met Afrikaanse koningen werd gebruikt in ruil voor slaven. De paradox is dat deze wapens later door Afrikanen werden gebruikt in de vrijheidsoorlogen tegen hun koloniale onderdrukkers.
Tijdens de slavernij en de koloniale periode was borduurwerk een onschuldige bezigheid voor witte vrouwen met een hogere sociale status, terwijl zwarte vrouwen dagelijks te maken kregen met verschrikkingen als verkrachting, gescheiden zijn van man en kinderen en hard werken. Ze plukten het katoen op de velden waarvan de stof werd geproduceerd voor blanke vrouwen om onschuldige afbeeldingen op te borduren.

Terwijl dit alles plaatsvindt op het podium horen we de stem van Angela Davis. Zij wordt geïnterviewd in de gevangenis waar ze vastzit wegens een valse aanklacht voor medeplichtigheid aan een moord. Zij is in hongerstaking. De journalist stelt haar de vraag waarom de Black Panthers het nodig vinden om geweld te gebruiken. Angela Davis bekritiseert hoe een focus op geweld door bijvoorbeeld politie, politici of de media de kracht wegneemt van de politieke en sociale doelen die de revolutie probeert te bereiken (Davis, 1972). De vraag die hieruit voortvloeit, is waarom de aandacht voor geweld de maatschappelijke, economische en politieke noodzaak die tot uitdrukking komen, tot zwijgen worden gebracht? Binnen het systeem van moderniteit/kolonialiteit wordt geweld vaak geassocieerd met het
‘primitieve’ en het ‘onbeschaafde’ daarmee elk ander aspect van de revolutie uitwissend. De onderlinge verwevenheid van de componenten waaruit het kunstwerk bestaat, toont het geweld van het zwijgen, en het geweld van onschuld en problematiseert daarmee de manier waarop we geweld begrijpen. Het werk is tevens een pleidooi voor het benaderen van geweld in al zijn complexiteiten. Angela Davis zegt in het interview het volgende: When you talk about a revolution, most people think violence, without realizing that the real content of any kind of revolutionary thrust lies in the principles and goals that you’re striving for, not in the way you reach them.

Om deze performance op het immense podium van Haus der Kulturen der Welt voor het laatst uit te voeren was achteraf een juiste beslissing, niet wetende dat er veel meer afgesloten zou worden. Een paar dagen na mijn terugkeer in Amsterdam, was Alanna in Berlijn om haar dissertatie te verdedigen waarvoor zij cum laude is geslaagd. We zijn elkaar misgelopen, maar ik zou contact met haar opnemen want er waren weer plannen om BE.BOP de volgende keer in de Dominicaanse republiek te gaan organiseren. Haar thuisland waar ze naar geremigreerd was. Het mocht niet zo zijn. Op 7 januari 2019 ontving ik het droevige nieuws dat mijn dierbare mentor, mijn grote voorbeeld die mij heeft aangemoedigd om performances te gaan doen heel plotseling is overleden.

Mijn verdriet was niet alleen een persoonlijke, maar ook een verdriet voor de wereld, omdat ik van mening ben dat de wereld het zich nu niet kan permitteren om iemand als Alanna Lockward te verliezen.

pkaersenhout.com
alannalockward.wordpress.com/artlabourarchives/

1 De Ahosi waren een militaire eenheid van het Afrikaanse Koninkrijk Dahomey (in het huidige Benin) dat geheel uit vrouwen bestond. De naam ‘Ahosi’ betekent ‘onze moeders’. In Europa kreeg de eenheid de bijnaam Dahomey-Amazones vanwege de gelijkenis met de Amazones in de Griekse mythologie.


Volg ons op social media

Facebook
Facebook
Twitter
Instagram