‘Sluitpost’

cover BK-02-2016kleinOver de financiële positie van kunstenaars en die op de arbeidsmarkt wordt veel gesproken en gediscussieerd en er zijn onlangs diverse onderzoeken naar gedaan. Wat iedereen al wist, wordt nu ook gestaafd met cijfers van de Raad voor Cultuur en de SER: de positie van de kunstenaar is niet best en verdient aandacht.

Het betalen van kunstenaars voor hun werk blijkt in veel gevallen een sluitpost op de begroting. Voor kunstenaars is het net andersom: kunst maken is geen sluitpost maar de basis. Misschien is het juist daarom nagenoeg vanzelfsprekend om er een sluitpost van te maken; voor kunstenaars staat hun werk voorop; ze blijven werken en behoefte houden aan het presenteren van hun werk.

De belabberde positie van kunstenaars krijgt steeds meer aandacht in verschillende media, en musea en curatoren zijn er serieuzer mee bezig. Een organisatie die erg actief is op dit terrein is Platform BK, onder andere als onderdeel van de organisatie BKNL. Begin februari organiseerde Platform BK in Casco te Utrecht een goed bezochte debatavond over de vraag “Wie betaalt de kunstenaar?” (zie het verslag op hun website). Het onderwerp leeft en er is behoefte aan een goede richtlijn. BKNL heeft daarom aan minister Bussemaker voorgesteld om van de 2 miljoen die zij ter beschikking stelt om de positie van kunstenaars op de arbeidsmarkt te verbeteren, 7 ton te reserveren voor onderzoek naar een concrete richtlijn voor kunstenaarshonoraria en een startkapitaal voor de realisatie. Aan het einde van het eerste kwartaal van dit jaar zal de Raad voor Cultuur advies uitbrengen aan de minister over de besteding van die 2 miljoen.

Het feit dat het kunstenaarshonorarium regelmatig de sluitpost op de begroting is, staat lijnrecht tegenover de roep om ondernemende kunstenaars. Uit de verkenning van de Raad voor Cultuur en de SER (zie ook pagina 4) blijkt dat de onderhandelingspositie van kunstenaars niet goed is. Omdat de vraag naar betaalde arbeid is afgenomen, is de concurrentie tussen werken-den in de sector groot, waardoor vaak tegen zeer lage tarieven wordt gewerkt. Soms werken kunstenaars gratis – zichzelf op die manier in staat stellend hun beroep uit te oefenen en anticiperend op betaald werk in de toekomst. Ondernemerschap komt op die manier maar moeilijk tot volle bloei.

Iets anders wat een remmende werking op het ondernemerschap van kunstenaars zal hebben is de afschaffing van de VAR, die voor kunstenaars – met doorgaans vele opdrachtgevers in een jaar – o.a. betekent dat ze veel meer tijd aan hun administratie kwijt zullen zijn (zie pagina 6). De petitie die is opgezet tegen afschaffing van de VAR haalde in februari in korte tijd meer dan 25.000 handtekeningen op, en loopt nog tot 2 april (petities.nl).

Het (goed) betalen van kunstenaars en het verbeteren van hun positie op de arbeidsmarkt houdt een keuze in vóór de kunsten. Daarbij speelt ook reputatie een rol. Wanneer kunstenaars structureel slecht verdienen, heeft dat een negatief effect op het imago van het beroep kunstenaar. Een slecht imago weerhoudt nieuwe generaties ervan een carrière te kiezen in de kunst waardoor talent verloren gaat. Kunst als sluitpost op de begroting werkt dus op meerdere fronten ondermijnend en het is een verantwoordelijkheid voor iedereen – van de politiek, de kunst- en onderwijsinstellingen tot de kunstenaars – om op alle mogelijke manieren ervoor te zorgen dat kunst en kunstenaars niet langer de sluitpost op de begroting zijn.


Facebook
Facebook
Twitter
Instagram

Volg ons op Twitter