Mondriaan Fonds en DordtYart: bijeenkomst over opdrachtgeverschap

opdrachtgeverOp donderdag 27 augustus jl. organiseerde het Mondriaan Fonds in samenwerking met DordtYart een publieksbijeenkomst over opdrachtgeverschap waar onder andere de uitkomsten van een evaluatie naar de Bijdrage Opdrachtgeverschap van het Mondriaan Fonds werden gepresenteerd. Daarnaast werd, aan de hand van een aantal concrete opdrachtsituaties (waaronder DordtYart en de Pauluskerk in Rotterdam), gesproken over actuele kwesties op het gebied van kunst in de publieke ruimte en over de mogelijkheden die er zijn om opdrachtgeverschap voor de beeldende kunst in Nederland beter voor het voetlicht te brengen. Ook kwam aan de orde de vraag op welke manier je partijen van buiten de kunst – commerciële partijen en bedrijven, particuliere opdrachtgevers en sociale en maatschappelijke organisaties – kunt stimuleren een opdracht te geven aan beeldend kunstenaars. Vanuit de praktijk van opdrachtgevers, bemiddelaars en kunstenaars kwam aan de orde wat de juiste ingrediënten zijn voor goed opdrachtgeverschap.

Mondriaan Fonds en opdrachtgeverschap
Birgit Donker, directeur Mondriaan Fonds, zette helder uiteen waarom opdrachtgeverschap voor het fonds belangrijk is en wordt gestimuleerd. Donker ziet de opdrachtgever als een ‘bevlogen aanjager’ en als een partij die duidelijk de kaders en praktische grenzen aangeeft. Het gaat daarbij om het realiseren van werken die anders niet of in andere context tot stand zouden zijn gekomen met vrijheid voor de maker. De opdrachtgever stelt wel kaders, maar laat zich evengoed verrassen door de vindingrijkheid van de maker.

Voor het Mondriaan Fonds is de Regeling Opdrachtgeverschap een relatief nieuw beleidsinstrument; het bestaat sinds begin 2013 en is opgezet met het doel initiatieven te stimuleren die tot stand komen in een samenwerking tussen maker en opdrachtgever. De nadruk ligt daarbij op de mogelijkheid het werk aan publiek te tonen. Het fonds is van mening dat op die manier relevante kunst tot stand komt die is verankerd in de samenleving en meteen zichtbaar is. De aanvragen worden beoordeeld op o.a. kwaliteit, de meerwaarde van de samenwerking, het werkplan en presentatieplan. Eén van de voorwaarden is dat een reëel honorarium voor de kunstenaar beschikbaar wordt gesteld door de opdrachtgever.

DordtYart en opdrachtgeverschap
Lyda Vollebregt en Arie Jaap Warnaar runnen DordtYart en zijn in die hoedanigheid actief als opdrachtgever. Arie Jaap Warnaar vertelde daarover. Hij begon met het uitleggen van het verschil tussen verzamelen en opdrachtgeverschap: de intentie van het laatste is om tot een nieuw werk te komen. Het plezier daarin is volgens Warnaar belangrijk, evenals het maken van heldere afspraken. Ook kwaliteit is belangrijk en voor de kunstenaar uiteraard een redelijk inkomen. De opdrachtgever dient al deze aspecten in de gaten te houden. Warnaar omschrijft hoe de uitvoering voortvloeit uit het idee. De uitvoering wordt voortdurend met elkaar besproken en uiteindelijk volgt daaruit de oplevering die vervolgens wordt geëvalueerd: hoe heeft het werk gefunctioneerd voor de bezoekers?
Warnaar benadrukt dat de opdrachtgever samen met de kunstenaar tot een werk wil komen, waarbij nieuwsgierigheid een grote rol speelt. Het bezitten van het werk speelt – in tegenstelling tot de verzamelaar – bij de opdrachtgever geen rol. Daarnaast gaat het om een heuse samenwerking. De opdrachtgever heeft een kritische opstelling, toont interesse en gelooft in de bekwaamheid van de kunstenaar, maar de kunstenaar heeft altijd het laatste woord. De opdrachtgever moet zijn grenzen kennen, waarbij de discussie wel belangrijk is; het gaat om samen werken en samen oordelen. En om genieten van de bezieling van de kunst.

Evaluatie Regeling Opdrachtgeverschap
In opdracht van het Mondriaan Fonds voerde onderzoeksbureau Urban Paradoxes een evaluatie uit van de Bijdrage Opdrachtgeverschap in de periode 2013 tot medio 2014. Het Mondriaan Fonds stelde zich in 2013 tot doel in vier jaar aan minstens 16 betekenisvolle opdrachten bij te dragen. Tot en met juni 2015 zijn in totaal 73 opdrachten ondersteund, waarbij de opdrachtgevers uiteenlopen van musea en culturele instellingen, tot gemeenten, kerken, ziekenhuizen, scholen en een boerenbedrijf.

Resultaten onderzoek
Uit het onderzoek blijkt dat de regeling haar doelstelling heeft behaald: alle projecten leveren nieuw werk op, die van betekenis zijn voor de kunstenaars en voor de context van de opdrachtgevers en die zijn verspreid door het land. De werken blijven veelal permanent zichtbaar voor publiek. Een van de succesfactoren blijkt het toegankelijke karakter van de regeling te zijn. De regeling genereert door de matchingconstructie bovendien extra middelen voor beeldende kunst.

Geen enkel van de in het onderzoek meegenomen projecten is voortijdig afgeblazen of stopgezet. Van de selectie van twintig nader onderzochte projecten blijven zestien permanent zichtbaar voor het publiek. De overige projecten betreffen eenmalige performances of projecten die voor een periode van een jaar zichtbaar blijven. Er is een goede spreiding in de ondersteunde projecten tussen grote en kleinere gemeenten. Met uitzondering van de noordelijke provincies is er een redelijke regionale verdeling van de projecten.

Er zijn vele vormen van samenwerking tot stand gekomen: van verbanden met verschillende culturele en maatschappelijke opdrachtgevers en beeldend kunstenaars, tot verbanden van één enkele opdrachtgever, een bemiddelaar en een kunstenaar. De organiserende en inhoudelijke rol van bemiddelaars bij met name niet-ervaren opdrachtgevers wordt als positief ervaren. De regeling resulteert in (brede) samenwerkingsverbanden, die vaak interdisciplinair en/of intersectoraal zijn.

Opdrachtgevers en kunstenaars evalueren de projecten overwegend positief. De projecten droegen in hun ogen bij aan de artistieke ontwikkeling van de kunstenaars, ze realiseerden ruimschoots de beoogde bezoekersaantallen en in verschillende gevallen leidde het tot nieuwe opdrachten van andere opdrachtgevers. De projecten genereren spin-off op verschillende vlakken, inclusief werkgelegenheid voor andere kunstenaars. De intensieve vorm van samenwerking wordt door alle partijen gewaardeerd. In meer dan de helft van de gevallen leidde de opdracht tot een aankoop. In 50 procent van de nader onderzochte projecten wisten de aanvragers nieuwe, aanvullende financieringsstromen van buiten de kunst te mobiliseren.

Nieuw: de ontwikkelbijdrage
Binnen de Regeling Opdrachtgeverschap is het aandeel van opdrachtgevers van buiten de cultuursector vooralsnog minder vertegenwoordigd. Voor het Mondriaan Fonds reden om niet-publieke opdrachtgevers intensiever te gaan benaderen. Ook aan de aanbeveling uit het onderzoek om voortrajecten mede te financieren – en zo de regeling aantrekkelijker maken voor een bredere groep opdrachtgevers – geeft het fonds gevolg door middel van de ontwikkelbijdrage. Deze kan worden aangevraagd voor het eerste stadium van het opdrachtgeverschap, bijvoorbeeld het uitwerken en formuleren van de opdracht of het ontwikkelen van een visie. Het fonds kan maximaal 70% van de totale kosten bijdragen met een maximum van 15.000 euro.

mondriaanfonds.nl
dordtyart.nl


Volg ons op social media

Facebook
Facebook
Twitter
Instagram